Eén AI Platform.
In te richten met vier vragen.

Een klant of partner richt het Artific-platform in langs vier vragen: hoe gebruikers ermee interacteren, hoe klanten van elkaar gescheiden zijn, wat je instelt, en of eigen systemen toegang dienen te krijgen tot AI via het platform. Gebruik deze pagina om de inrichting vorm te geven.

Keuze A

Ervaring

Hoe interacteren gebruikers met het systeem?

  1. A1Workspace
  2. A2Embedded
  3. A3Communicatiekanalen
  4. A4Eigen interface
  5. A5Op de achtergrond
Keuze B

Indeling

Hoe rol je klanten uit op het platform?

  1. B1Eigen organisatie per klant
  2. B2Gedeelde organisatie met groepen
  3. B3Eigen organisaties via marketplace
Opties C

Configuratie

Welke context en mogelijkheden wil je instellen?

  1. C1Algemene voorkeuren
  2. C2Gebruikers en toegang
  3. C3Kennisbank vullen
  4. C4Koppelingen toevoegen
Opties D

Headless integratie

Wil je dat systemen via het platform toegang krijgen tot AI?

  1. D0Geen, alles via platform interface
  2. D1Vanuit een workflowtool
  3. D2Vanuit eigen software
  4. D3Vanuit een eigen agent
Keuze A · Ervaring

Hoe interacteren gebruikers met het systeem?

Dit is wat de klant zelf al weet en als eerste vertelt. Een klant kiest vaak meerdere vormen, één per doelgroep: de eigen medewerkers in de workspace, de bezoekers via een widget, het eigen systeem via de API.

A1WorkspaceGebruikers loggen in op het portaal en werken in de Artific-omgeving.

Gebruikers loggen in op het Artific-portaal en werken daar: ze chatten met assistants, draaien toolbox-elementen en gebruiken bestanden, projecten en de kennisbank. Beheerders richten in dezelfde omgeving alles in. Er hoeft niets bij de klant geïnstalleerd of gebouwd te worden.

?Kies dit als

De eigen medewerkers van de klant dagelijks met AI werken en de klant het beheer in dezelfde omgeving wil.

iGoed om te weten

Het portaal draagt de branding van de organisatie. Bij een gedeelde organisatie (B2) zien alle eindklanten dus dezelfde branding.

A2EmbeddedHet Artific-chatvenster in hun website of app, in hun eigen kleuren.

De klant plaatst een klein stukje code op zijn website of in zijn app, en daar verschijnt het Artific-chatvenster in zijn eigen kleuren. De klant bouwt zelf geen chat. Het venster kan anoniem werken of de ingelogde gebruiker van de klant herkennen, en de website kan het gesprek aansturen en informatie meegeven. Nieuwe mogelijkheden van het chatvenster, zoals spraak of bestanden meesturen, krijgt de klant automatisch.

?Kies dit als

De klant zijn eigen bezoekers of gebruikers wil helpen en tevreden is met een chatvenster in zijn eigen kleuren.

A3CommunicatiekanalenDe assistant beantwoordt e-mail of neemt de telefoon op.

De assistant reageert in een kanaal dat de eindgebruiker al gebruikt: hij beantwoordt een e-mail of neemt een telefoongesprek aan. De eindgebruiker hoeft niets te installeren of ergens in te loggen en merkt niet dat er een platform achter zit.

?Kies dit als

De eindgebruikers al via dat kanaal contact hebben en je hun gedrag niet wilt veranderen.

iGoed om te weten

E-mail en telefonie kunnen vandaag. Kanalen als WhatsApp en Teams zijn in ontwikkeling.

A4Eigen interfaceDe klant bouwt de schermen zelf, het platform levert de antwoorden.

De klant bouwt de schermen zelf, in zijn eigen product, en stuurt vragen naar het platform. Het platform geeft het antwoord terug en de klant toont het in zijn eigen vormgeving. De eindgebruiker ziet alleen het product van de klant. Hoe de klant aansluit staat in D: eigen software, een workflowtool of een eigen agent.

?Kies dit als

De klant een eigen product heeft waar het gesprek native in moet passen.

A5Op de achtergrondGeen mens: tijd of een gebeurtenis start de assistant.

Er is geen gebruiker die iets intypt. Een tijdstip of een gebeurtenis start de assistant, bijvoorbeeld elke ochtend om negen uur een rapport, of een bevestiging zodra een bestelling binnenkomt. Het resultaat landt in een systeem, een mailbox of het portaal. De ene vraag die ertoe doet is waar het draaiboek staat, en die bepaalt meteen de behoefte voor "headless integratie" (opties D).

Achtergrondtaak uitvoeren in het platform Roadmap Q3

In het portaal stel je in dat een assistant op een vast moment een opdracht uitvoert, of zodra een ander systeem een webhook stuurt. Opdracht, prompt en bestemming staan in het platform. De klant programmeert niets en ziet of het gelukt is.

Achtergrondtaak uitvoeren vanuit hun systeem

Hun software, workflowtool of agent roept assistants en elementen in het platform aan en bepaalt zelf de vervolgstappen. Dezelfde aandachtspunten als A4.

iGoed om te weten

Achtergrondtaken plannen in het portaal is in ontwikkeling. De variant vanuit hun eigen systeem kan vandaag al via de API.

Keuze B · Indeling

Hoe rol je klanten uit op het platform?

Krijgt iedere klant of eindklant een eigen organisatie, of zitten ze samen in één? Dit is de vraag die de klant zelf meestal niet stelt, en die het meeste bepaalt over beheer, scheiding, branding en wat een klant zelf kan toevoegen.

B1Eigen organisatie per klantElke klant een eigen, afgesloten omgeving.

Elke klant heeft een eigen, afgesloten omgeving. Alleen de eigen beheerder bepaalt wie toegang heeft, welke assistants er zijn, welke bestanden en koppelingen erin zitten en hoe het eruitziet. Niets daarvan is zichtbaar voor andere klanten. Daar staat tegenover dat elke omgeving apart wordt ingericht en onderhouden.

?Kies dit als

De klant zelf wil beheren, eigen koppelingen, bestanden of bronnen wil toevoegen, gegevens heeft die strikt gescheiden moeten blijven, of eigen branding wil voeren.

iGoed om te weten

Meer inrichtingswerk per klant.

B2Gedeelde organisatie met groepenEindklanten samen in één omgeving, gescheiden via groepen.

Alle eindklanten werken in dezelfde omgeving en één partij beheert die. Met groepen bepaal je welke eindklant welke assistants en bronnen ziet. Dat is snel opgezet en goedkoop in beheer. Maar alles wat je in de omgeving toevoegt, geldt voor iedereen: één branding, één set koppelingen, één set bestanden en bronnen. Een eindklant kan niets eigens toevoegen en kan geen beheerrechten krijgen, want dan ziet hij de gegevens van de andere eindklanten.

?Kies dit als

De beheerder één partij is, de eindklanten alleen gebruiken, en het aanbod voor alle eindklanten hetzelfde mag zijn.

iGoed om te weten

De hele configuratie uit C geldt hier voor alle eindklanten tegelijk: één branding, één set koppelingen, één kennisbank. Eindklanten kunnen niets eigens toevoegen en nooit beheerrechten krijgen. Zodra dat nodig is, moet die eindklant naar een eigen organisatie.

B3Eigen organisaties via marketplaceEigen omgeving per eindklant, ingericht uit een centrale catalogus.Roadmap Q4

Elke eindklant houdt een eigen omgeving, maar de assistants en toolbox-elementen komen uit een centrale catalogus. Je bouwt ze eenmalig en installeert ze in elke omgeving. Werk je de bron bij, dan krijgt elke installatie die wijziging mee. Per omgeving kan de eindklant er eigen bestanden, koppelingen en instructies aan toevoegen, zonder dat andere eindklanten dat zien.

?Kies dit als

Je hetzelfde aanbod bij veel klanten wilt uitrollen zonder de scheiding op te geven. Combineert de scheiding van B1 met het gemak van B2.

iGoed om te weten

De marketplace is in ontwikkeling. Vandaag kan een partner assistants kopiëren naar de organisatie van een eindklant; die kopie is los, dus latere wijzigingen in de bron sijpelen niet door.

Opties C · Configuratie

Welke context en mogelijkheden wil je instellen?

Vier gesprekken die je in elke intake voert. Per onderdeel zijn er varianten, en die verschillen vooral in wie het doet. Het bouwen van assistants en toolbox-elementen is geen apart onderdeel; dat is het werk dat op deze configuratie rust.

C1Algemene voorkeurenTone of voice, instructies, talen, modellen, branding en welke functies aanstaan.

Hoe de organisatie zich gedraagt en wat er voor haar aanstaat. Dit is het eerste gesprek met de beheerder en het raakt alles wat daarna gebouwd wordt.

OnderdeelWaar het over gaat
Tone of voice en algemene instructiesHoe assistants schrijven en welke regels altijd gelden
TalenIn welke talen het portaal en de assistants werken
Modelkeuze en eigen AI-sleutelsWelke modellen gebruikt worden en op wiens contract
Strikte EU-verwerkingAlleen modellen en verwerking binnen de EU
Branding en documentsjablonenKleuren, logo, inlogpagina en de opmaak van gegenereerde documenten
Functies aan of uitWelke onderdelen van het platform deze organisatie ziet, zoals rapportages, spraak of projecten
?Wie doet het

De beheerder van de klant, of Artific of de partner bij de eerste inrichting.

iGoed om te weten

Dit is geen volledige lijst. Alles wat per organisatie instelbaar is valt hieronder; het portaal is leidend. Voor een overzicht van alle functies kijk dan op product.artific.nl.

C2Gebruikers en toegangHoe mensen erin komen en wat ze zien.

Toegang loopt via groepen: een groep bepaalt welke assistants, elementen en kennis iemand ziet. De vraag is hoe de klant zijn mensen erin krijgt en of ze met een eigen account of via het eigen systeem inloggen.

VariantWie doet het
Beheerder maakt gebruikers aan, los of via bulk-importBeheerder van de klant
Zelf aanmelden op basis van e-maildomeinBeheerder zet het domein open, gebruikers melden zich aan
Aanmaken via technische koppeling/APIOntwikkelaars van de klant
C3Kennisbank vullenWelke kennis assistants moeten kennen en hoe die actueel blijft.

De documenten en bronnen die assistants moeten kennen, geordend in collecties met per assistant de vraag welke collecties hij mag gebruiken. De vraag is waar de kennis nu staat en hoe vaak ze verandert: losse documenten die zelden wijzigen, een bron die leeft, of een eigen systeem dat kennis genereert.

VariantWie doet het
Uploaden in het portaalBeheerder van de klant
Synchroniseren uit eigen bronnen: SharePoint, Google Drive, S3, Zendesk, websitesArtific of partner zet op als implementatiedienst; klant regelt toegang en beheert daarna
Inschieten en beheren via de APIOntwikkelaars van de klant
C4Koppelingen toevoegenIn welke systemen assistants mogen lezen en handelen.

De systemen waarin assistants moeten kunnen lezen en handelen: agenda, CRM, ticketsysteem, eigen applicaties. De assistants roepen die systemen dan aan. Wat een assistant met een koppeling mag doen, bepaal je per assistant in het portaal.

VariantWie doet het
Connector uit de catalogus, kant-en-klare koppelingen van derden; één keer inloggenBeheerder van de klant, in het portaal
Eigen API-tools: een API van een eigen systeem als tool beschrijven, zonder codeBeheerder met technische kennis, of Artific of partner als dienst
Eigen MCP-server naar eigen systemen, gekoppeld in het portaalOntwikkelaars van de klant bouwen en hosten, beheerder koppelt
Assistants in
het platform
Hun systemen
of agents

Een assistant raadpleegt het CRM, de agenda, een API of een MCP-server van de klant als hulpmiddel. Het draaiboek staat in het platform en de beheerder stelt het in via het portaal.

Opties D · Headless integratie

Wil je dat systemen via het platform toegang krijgen tot AI?

Voor de meeste klanten is het antwoord nee: alles loopt via het portaal, de widget en de kanalen. Voor klanten met eigen software, workflowtools of eigen AI-agents is het platform de integratielaag waarmee zij veilig bij AI komen, met de kennis, koppelingen en regels die in het platform zijn ingesteld. Allemaal via dezelfde API en hetzelfde rechtenmodel.

D0Geen, alles via platform interfaceEigen systemen roepen het platform niet aan. Dit is het standaardantwoord.

De systemen van de klant roepen het platform niet aan. Gebruikers werken in het portaal, de widget of een kanaal, en de hele configuratie wordt door een beheerder ingesteld.

?Kies dit als

De klant geen eigen software of workflows heeft die AI nodig hebben.

iGoed om te weten

Niet mogelijk in combinatie met A4, en niet met A5 als het draaiboek bij hen staat.

D1Vanuit een workflowtoolEen stap in n8n, Make of Zapier stelt de vraag.

Een stap in n8n, Make of Zapier stuurt een vraag naar een assistant of element en gebruikt het antwoord in de volgende stap. Zo krijgt bestaande automatisering veilig toegang tot AI, met de kennis, tools en regels die in het platform zijn ingesteld. Geen programmeurs nodig, wel iemand die de tool beheerst.

Hun software
of agent
Assistants en elementen
in het platform

Hun systeem roept assistants en elementen in het platform aan en beslist wat er met het antwoord gebeurt. Het draaiboek staat in hun systeem.

?Kies dit als

De klant al automatiseert met zo'n tool, meestal voor A5 met het draaiboek bij hen.

iGoed om te weten

Vandaag via een generieke HTTP-stap tegen de API. Een kant-en-klare Artific-stap voor deze tools is in ontwikkeling.

D2Vanuit eigen softwareHun code roept het platform aan via de API.

De software van de klant, met of zonder AI erin, roept het platform aan via de API: assistants laten antwoorden, elementen uitvoeren, widget-sessies aanmaken voor ingelogde gebruikers, kennis aanleveren. Met beheerrechten ook organisaties, gebruikers en assistants aanmaken. Technisch dezelfde koppeling als D1, maar gebouwd door ontwikkelaars met de SDK en documentatie.

Hun software
of agent
Assistants en elementen
in het platform

Hun systeem roept assistants en elementen in het platform aan en beslist wat er met het antwoord gebeurt. Het draaiboek staat in hun systeem.

?Kies dit als

De klant een eigen product heeft (A4), eigen systemen die het platform aansturen (A5), of de ingelogde gebruiker wil doorgeven aan de widget (A2).

iGoed om te weten

Antwoorden komen in één keer terug; woord-voor-woord meelezen via de API is in ontwikkeling. Verbruik wordt gerapporteerd per organisatie, nog niet per afzonderlijke koppeling.

D3Vanuit een eigen agentHun AI-agent gebruikt het platform als hulpmiddel.Roadmap Q4

De eigen agent van de klant, of een assistent zoals Claude, ChatGPT of Copilot, gebruikt het platform via MCP: assistants raadplegen, elementen uitvoeren, in de kennisbank zoeken, en met beheerrechten het platform configureren. De agent beslist zelf wanneer hij het platform inschakelt. De klant hoeft niets te programmeren, alleen de koppeling te activeren.

Hun software
of agent
Assistants en elementen
in het platform

Hun systeem roept assistants en elementen in het platform aan en beslist wat er met het antwoord gebeurt. Het draaiboek staat in hun systeem.

?Kies dit als

De klant zelf al agents draait en het platform daarin wil opnemen zonder te bouwen.

iGoed om te weten

Artific als MCP-server is in ontwikkeling; tot die tijd is D2 het alternatief. Niet verwarren met de eigen MCP-server onder C4: daar gebruikt een assistant hun MCP-server, hier gebruikt hun agent het platform.

Keuzehulp

Welke combinatie past bij deze klant?

Dezelfde vragen als in de intake, in volgorde: ervaring, indeling, dan de opties uit C en D. Doorloop hem per doelgroep als een klant meerdere ervaringen nodig heeft.

Vraag 1
Het advies verschijnt hier zodra de eerste vraag beantwoord is.